Het was zo mooi, die sfeer in de Lairessehal, die zaterdag 25 november,
waarop de 1ste Kralingsche Open plaatshad, die avond en nacht met
uitgelaten feestende fans van Boogaard in het centrum van Rotterdam.
Zelfs de beruchte supportersschare van Grutterink gedroeg zich
voorbeeldig. Teleurgestelde Grutterinkianen keken slechts van achter hun
pilsjes minzaam toe hoe de Boogaardaanhang danste en zong. De finale
was, zoals verwacht, weer een strijd tussen Boogaard en Grutterink
geweest. Boogaard had drie sets nodig gehad, maar walste wel in de derde
set met de veelzeggende cijfers 11-2 over een Grutterink heen, die
speelde zoals we hem eigenlijk niet kennen, onzeker en zoekend naar z'n
vorm.
Het was zo mooi. Rotterdam was er ook klaar voor om een groot
sportevenement te organiseren. Het toernooi was qua ambiance en
sportieve prestaties fantastisch en de festiviteiten na afloop waren,
afgezien van enkele kleine incidenten, ook vreedzaam verlopen.
Behalve Boogaard maakte ook Becker grote indruk. Zijn speelstijl is
altijd al een lust voor het oog, maar naargelang de jaren verstrijken,
wordt zijn spel volgens kenners ook steeds effectiever. Van Kooij maakte
het al zijn tegenstanders, inclusief de top twee, knap lastig, maar mist
nog steeds vaak, als het er echt op aankomt, de scherpte. Wat Brune
betreft was het duidelijk dat hij grote trainingsachterstanden heeft.
Een voorbereiding van feesten en de playboy uithangen aan de Côte d'Azur
levert natuurlijk terecht geen aansprekende resultaten op. Maar de
andere cracks maakten zijn wanprestatie ruimschoots goed.
Het was zo mooi. Er viel voor de liefhebbers zoveel te genieten. Bij
vlagen werd er oogstrelend table table tennis gespeeld. Het
geraffineerde spel van Boogaard leek van een andere planeet. Verder
waren de krachtmetingen Kooij-Grutterink en Boogaard-Becker
sensationeel.
Het was zo mooi en het had zo mooi kunnen blijven, als de Telegraaf eind
november niet met het schokkende bericht was gekomen. Het is tot op
heden het gesprek van de dag: de doping die is aangetroffen in de auto
van Boogaard's soigneur en tevens oom, C. Boogaard. Het betrof, zoals
inmiddels bekend, amfetaminepreparaten en maar liefst 10 liter
acetylsalicylzuur. Na aanvankelijk stilzwijgen heeft Boogaard via zijn
woordvoerder laten weten nooit verboden middelen te hebben gebruikt,
maar ttt-kenners en inspanningsfysiologen zetten vraagtekens bij de
frisheid van Boogaard aan het eind van het slopende toernooi. Het beeld
van de finale: Grutterink op zijn tandvlees en Boogaard met optimale
concentratie en souplesse. Klopt hier iets niet?
Het was zo mooi. Maar een paar dagen later werpt het vermeende
dopinggebruik een smet op de naam van een kampioen en van een sport. Wat
de consequenties zullen zijn van deze onverkwikkelijke affaire is nog
ongewis.
Heer Kooij vs. Heer Brune: topamusement verzekerd